Tintelingen van geluk

TINTELINGEN VAN GELUK

Over het algemeen is wel bekend dat bij dementie de verwerking van allerlei prikkels vertraagd is en mensen met dementie veel meer tijd nodig hebben om dingen tot zich door te laten dringen en te reageren. Bij sommige vormen van dementie valt deze traagheid nog eerder op dan de geheugenproblemen bijvoorbeeld.

In de dagelijkse omgang met mensen die dementie hebben probeer ik daar natuurlijk zoveel mogelijk rekening mee te houden. Toch kan dat erg lastig zijn. Ik ben zo gewend om actief bezig te zijn, snel te handelen (in de zorg immers bijna altijd tijd tekort), niet treuzelen en heb ook best mijn “kwebbel” wel bij. Maar ik weet ook dat wanneer je te snel handelt, niet genoeg vertraagt om op gelijk tempo te komen bij mensen met dementie, dit kan leiden tot onrust, onbegrip en boosheid. Komt bij dat wanneer je te snel handelt, dat niet wil zeggen dat je ook eerder klaar bent. In tegendeel, haast kan mensen met dementie blokkeren en tegen gaan werken, dan ben je alleen maar langer bezig en vaak ook met minder voldoening. Daarom is het van groot belang om hier altijd alert op te zijn, mezelf hier van bewust te zijn tijdens de zorgverlening.

Al meerdere keren heb ik gemerkt dat door mezelf “te vertragen” mensen met dementie verrassend genoeg veel meer kunnen dan aanvankelijk gedacht. Of dat er een verrassende reactie ontstond bij het maken van contact. Hoe erg vertraagd mensen zijn, kan afhankelijk zijn van de vorm van dementie en ook in welke fase van beleving ze zich bevinden. Ik denk wel dat hoe verder mensen in hun dementie zijn, hoe meer ze vertragen, verstillen bijna.

Er overkwam me een gouden moment in het contact maken met een mevrouw die in de laatste fase van haar dementie zit. Ik bezocht haar als mantelzorger en heb en had veel tijd om met haar door te brengen. Het viel me op dat wanneer ik opstond en rond haar bed liep, ze me volgde met haar ogen. Hoe sneller ik bewoog, hoe eerder haar blik afdwaalde en ze me niet meer in de gaten had. Het is ongelofelijk hoe ver ik moest vertragen om haar de kans te geven me te blijven volgen. In echt slow-motion ben ik rond haar bed gelopen en bleef ze me volgen met haar ogen. Ik stond echt steeds een poos stil voordat ik de volgende stap kon zetten. Het verbaasde mij en ik wist niet dat ze zó erg vertraagd, verstild was.

Ik zette mijn “onderzoek” voort om te kijken of ik door te vertragen én andere zintuigen aan te spreken ik een andere verbinding dan oogcontact tot stand kon brengen. Ik bracht mijn gezicht dicht bij het hare en tuitte heel langzaam en voor mijn gevoel erg overdreven mijn lippen, boog me tergend langzaam naar haar wang toe (al die tijd hield ik oogcontact) en drukte een kus op haar wang. Ik maakte gebruik van een smakkende zoen, in de hoop zo al haar zintuigen te gebruiken (zien, voelen, horen), en heel langzaam bewoog ik me weer terug in de positie van net een eindje van haar gezicht vandaan. Ze keek me aan, en glimlachte! Dat was al groot!

Weer in heel traag tempo deed ik nu hetzelfde maar dan op haar andere wang. En geloof het of niet, maar ineens voelde ik haar getuite lippen op mijn wang bijna gelijktijdig met dat mijn lippen haar huid aanraakten! Ze gaf me een kus terug!

Er trok een tinteling van geluk door mijn lijf en met tranen in mijn ogen bedacht ik dat ze dit al jaren niet meer had gedaan. Wat was ik op dat moment een gelukkig mens, en ook zij was gelukkig, ze glimlachte nog steeds en in haar ogen lag een twinkeling. Niet snel daarna viel ze in slaap met nog steeds een glimlach rond haar mond.