Naald en draad

Naald en draad

 

Wanneer de dames aan de koffie zitten, gaat een van hen steeds wat vooroverbogen zitten en kijkt ze langs haar benen naar beneden naar de zoom van haar broekspijp.

Ja, daar is duidelijk een stiksel los. Ze vind het te oordelen naar haar gezichtsuitdrukking ontzettend ergerlijk. Ze is altijd erg netjes, maar is zelf niet in staat om iets aan dit euvel te doen.

Nog voordat ik voor kan stellen om te proberen de zoom met een draadje even vast te zetten, komt er een voorstel vanuit een onverwachte hoek.

Een andere dame die vroeger veel met naald en draad gedaan heeft (hierin zelfs les heeft gegeven), stelt voor om de zoom in de broek vast te zetten.

Beide dames worden erg enthousiast, de ene omdat er zicht komt om dat ergerlijke loshangende zoompje weg te werken , en de andere dame omdat ze zich ineens heel nuttig en belangrijk voelt.

Samen vertrekken de dames naar de kamer van de “naaister”.

Alleen dát al is bijzonder, want veel zelfstandig lopen doet
de andere dame niet meer. Nu dus wel.

 

Eerlijk gezegd denk ik nog, dit wordt natuurlijk helemaal niets, ze heeft al zolang niet genaaid en ze kan zo weinig met haar reumatische handen waarschijnlijk komen ze zo terug met het bericht dat het niet lukt.
Erg hé? Getuigd niet echt van veel vertrouwen….

 

Ze komen inderdaad al vrij snel terug, maar niet omdat ze het niet zitten.
Nee, ze heeft de naaispullen uit haar kast gehaald en alles klaargezet. Ze hebben een afspraak gemaakt dat ze het ná het eten gaan oplossen, wanneer ik dan even wil helpen met het uitdoen van de broek?

Zo gezegd zo gedaan! Gezellig zitten de dames na het eten op de kamer van de “naaister” , en al keuvelend gaat ze aan de slag.

Vol verwondering laat ik ze achter om even een camera te halen om dit heerlijk tafereeltje vast te leggen.

 

En wat is het fantastisch dat het wel degelijk allemaal lukt! Er word niet eens hulp gevraagd met het draad door het oogje van de naald te halen!

Na ongeveer een uurtje(waarin ik steeds ben gaan kijken omdat ik er niet genoeg van kon krijgen) komen ze terug gelopen naar de huiskamer. Met een hoog rode kleur van voldoening en trots dat ze het voor elkaar heeft gekregen (natuurlijk is het gelukt, als ik dát niet meer kan) gaat ze met een diepe zucht zitten.

 

De andere dame blijft vol verwondering steeds herhalen hoe bijzonder het toch wel niet is dat ze dit voor haar gedaan heeft en dat het nog gelukt is ook!
“Ik heb je toch wel bedankt hé?”
“Jazeker al een paar keer, maar nu wil ik er niets meer van horen hoor. We zijn er toch om elkaar te helpen, niets bijzonders aan hoor dat ik dit heb gedaan!”

 

Nou daar ben ik het niet mee eens!
Ik ben ook trots, heel trots en blij dat door zoiets simpels als een loshangende zoom, zo’n mooi moment ontstond waar ze beide zo enorm van hebben genoten.

Wat kan ik hier weer van leren, leren vertrouwen op het kunnen van de bewoners, en leren jong geleerd, oud gedaan is.

En het belangrijkste, elkaar helpen houdt nooit op, dat dóe je “gewoon”!